België ontmantelen, maar bij God niet weten hoe: 10 dwingende vragen waarop de N-VA nog nooit een antwoord heeft gegeven

Nu Bart De Wever geïnstalleerd is als burgemeester van Antwerpen, kan zijn partij zich gaan toeleggen op de volgende electorale afspraak. De N-VA wil van de stembusgang van 2014 de moeder aller verkiezingen maken. Ze rekent op een sterk mandaat dat haar echt incontournable maakt om de Belgische status-quo te doorbreken.

Het N-VA-project blinkt tot nader order uit in vaagheid en is nauwelijks haalbaar. De partij heeft misschien wel een electorale strategie om de verkiezingen te winnen en België te blokkeren, maar beschikt niet over een hanteerbaar plan om haar eigenlijke doelstellingen te verwezenlijken.

De laatste ontwikkelingen hebben dat aangetoond. De partij schoof eerst de kwestie Brussel door naar haar congres van begin 2014, probeerde vervolgens de publieke opinie te sussen met de melding dat zij geen afscheiding maar ‘slechts’ confederalisme wil en gaf vorig weekend aan dat ze dit confederaal project pas in de loop van 2013 gaat invullen. Daarmee geeft de N-VA zelf toe dat ze tot nu toe gebakken lucht heeft verkocht. Sterker nog: al maanden propageert de partij een recept voor de zogenaamde ‘Belgische ziekte’, maar nu blijkt dat het hele medicijn nog ontwikkeld moet worden.

De partij zal haar plannen nochtans niet veel langer in door krachtige oneliners omfloerste rookgordijnen kunnen verhullen. De term ‘confederalisme’ is het laatste schuiloord waarachter ze probeert zich op de vlakte te houden over haar eigenlijke politieke agenda. Inmiddels is pijnlijk duidelijk geworden hoe rekbaar die term door de politieke klasse in dit land wordt gebruikt. Ongeveer elke hervorming blijkt eronder te kunnen vallen, van een federalisme-light tot net geen separatisme.

Draagvlak

Als Bart De Wever en de N-VA de burgers en de publieke opinie in dit land au sérieux nemen, zullen ze minstens de volgende vragen moeten beantwoorden.

- Wat verstaat de N-VA precies onder ‘confederalisme’? Is het beoogde confederaal België internationaal een staat of een statenbond?

- Wie aanvaardt de partij als gesprekspartners? Zijn dat alleen maar de gemeenschappen of ook Brussel en de faciliteitengemeenten?

- Hoe denkt men tot een volledig akkoord te komen, dat voldoende vorm geeft aan de eigen doelstellingen maar ook ruimte biedt aan de verzuchtingen van andere partners? Op welk van de volgende terreinen kan de partij toegevingen doen: het aantal entiteiten, de grenzen tussen de entiteiten, de verdeling van middelen en schulden, de erkenning van de rechten van minderheden?

- Kunnen volgens de N-VA mislukkende onderhandelingen over de omvorming van België tot een confederaal verband eenzijdige stappen door Vlaanderen rechtvaardigen?

- Aanvaardt de partij het recht van de faciliteitengemeenten, waar inmiddels een ruime meerderheid van de bevolking Franstalig is, om een (semi-)staatsgrens tussen hen en Brussel af te wijzen? Indien het antwoord neen is, waarom kan Vlaanderen zich wél op zelfbeschikkingsrecht beroepen en andere entiteiten niet?

- Zullen de voorstellen van de N-VA een splitsing inhouden van de belastingstelsels, de overheidsschuld, de sociale zekerheid, het arbeids- en vennootschapsrecht? Indien het antwoord ja is, hoe zal een Vlaamse sociale zekerheid eruit zien? Mogen de Vlamingen een stelsel tegemoet zien dat hen eenzelfde of beter niveau van sociale bescherming biedt?

- Is de partij in ruil voor een confederale hervorming bereid om het Minderhedenverdrag van de Raad van Europa te bekrachtigen en de Franstalige minderheid in Vlaanderen effectief de rechten te garanderen die haar krachtens dit verdrag zou toekomen?

- Hoe denkt de N-VA een langdurige institutionele crisis te voorkomen? Wat is haar plan om internationale schade zoals speculatie tegen ons land of wantrouwen van investeerders tegen te gaan?

- Hoe groot moet het draagvlak aan Vlaamse kant zijn om de beoogde omwenteling democratisch te legitimeren? Is alleen een politieke meerderheid nodig (en hoe groot moet die zijn?) of moet er een aantoonbaar breed draagvlak zijn in de civiele maatschappij en onder de burgers? Krijgen die burgers via een referendum ook zelf een directe stem in het kapittel?

- Hoe denken De Wever en de zijnen bondgenoten aan Vlaamse kant te vinden, gegeven het feit dat alle democratische partijen zich aan de zesde staatshervorming hebben gecommitteerd en die vanaf 2014 allicht zullen willen gaan uitvoeren?

Recente analyse van de Vooruitgroep wijst uit dat er bij zowel een echt confederalisme als bij een volledige zelfstandigheid van de gebiedsdelen van het huidige België voor de internationale continuïteit, vooral voor deelname aan de Europese Unie, een akkoord zal moeten zijn tussen alle betrokkenen over alle aspecten (aantal staten, grenzen tussen staten, verdeling van de rijksschuld, rechten van minderheden).

Hoe dat mogelijk is onmiddellijk na een moeizaam tot stand gekomen zesde staatshervorming, in een land dat bijna tien jaar nodig had om een kiesarrondissement te splitsen en nog langer om alleen maar de Nationale Plantentuin in Meise over te hevelen, is een volstrekt raadsel. Of zoals Wim Kan ooit zei: ‘Je weet wat je hebt, niet wat je krijgt’.

De recente oproep van Peter De Roover (Vlaamse Volksbeweging) om een universitaire task force in te stellen die de splitsing van België moet voorbereiden, heeft alvast één zaak zonneklaar gemaakt: de autonomisten willen België wel graag ontmantelen, maar weten bij God niet hoe. Van de academici hoeft trouwens geen magische oplossing verwacht worden. De bovenstaande vragen maken duidelijk dat de kwesties niet zozeer wetenschappelijk of juridisch , maar vooral politiek van aard zijn.

Vaagheid We zijn niet de eersten om vaagheid en risico’s aan te kaarten, maar waarnemers worden bijna altijd zonder verdere argumentatie weggezet als pessimisten of Belgische nostalgici die de mensen bang willen maken. Waar al aan argumentatie werd gedaan door de partij, was die achteraf zo goed als altijd overdreven optimistisch, om niet te zeggen, aantoonbaar fout.

Die vaagheid en dat sussende optimisme van ‘ach, geloof ons maar’ zijn eigenlijk onaanvaardbaar. De N-VA moet bewijzen dat wat ze wil ook echt kan, en wel zonder kleerscheuren. We dagen de partij uit om deze vragen publiekelijk te beantwoorden, zodat er eindelijk duidelijkheid komt over de geloofwaardigheid van haar plan. Of blijft ze in schaduwgevechten tegen Laken en kunst het echte debat ontwijken?

bron: Vooruitgroep